Effectieve lasten voor uitkeringen (tarieven 2020) 

De tijden dat je je IB op een bierviltje kon uitrekenen zijn echt voorbij! Vroeger was het simpel: schijf 4 was 52%, schijf 3 was 42% en schijf 2 bijna 42%. En het fiscaal gunstig plannen van het stamrecht was vooral ervoor zorgen dat je net beneden de 52% grens bleef.
De afgelopen jaren nogal wat zaken veranderd. In het kort (waarbij ik niet inga op schijf 1 en het toeslagencircus).

De heffing in de klassieke schijven 2 en 3 is nu 37.35%. Dat lijkt een verbetering t.o.v. de klassieke 42%. Maar dan...
 - De algemene heffingskorting (AHK) is inkomensafhankelijk gemaakt: deze wordt lineair afgebouwd in de schijven 2 en 3, en in de praktijk betekent dat in de schijven 2 en 3 een ordinaire belastingverhoging van 5.667%! Grmpff…
 - Ook is toegevoegd de inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet ("bijdrage ZVW"). Deze bijdrage ZVW wordt berekend over het totale inkomen en daarover moet de uitkerende instantie (dus ook een stamrecht BV!) 5,45% afdragen. De bijdrage is "getopt": over het deel boven € 57232 is de bijdrage nihil. Strikt genomen is dit geen belasting maar het zorgt er wel voor dat je gewoon minder netto overhoudt!

Deze pagina is bedoeld voor de uitkeringsfase van het stamrecht dus ik neem geen arbeidskorting mee. Verder houd ik ook geen rekening met ouderenkorting!

We zien dus nu dat de klassieke schijf 2 effectief wordt "belast" met 37.35 + 5.667 + 5.45 = 48.477 %. In schijf 3 geldt hetzelfde, maar dan tot de ZVW bovengrens van € 57232. Boven die grens (tot € 68507) is er geen bijdrage ZVW en wordt de effectieve belasting 43.027%. Schijf 4 vanaf € 68507 is 49.5%.
Voor mensen met AOW ziet het plaatje er zoals gebruikelijk wat gunstiger uit.

Als we alleen bovenstaande zaken in aanmerking nemen dan geldt de volgende tabel voor 2020:

 

Kortom: uitkeringen zo plannen dat je net in de 42% schaal blijft is er niet meer bij. De enige fiscaal interessante zaken lijken nog het uitstellen tot na de AOW leeftijd (maar zie ook "VpB schade") en gebruik maken van het gebied tussen de bovengrens van de bijdarge ZVW en het begin van de klassieke schijf 4.

Er is nog een aspect dat in sommige gevallen meespeelt: de ouderenkorting van € 1622. Bij een inkomen van € 37372 tot 48185 wordt deze afgebouwd  - boven € 48185 is de lorting nul. Dus in voorkomende gevallen kan het verstandig zijn daar net onder te blijven!
Voor degenen die er plezier in hebben (stukje zelfkastijding): de volledige rekenregels inkomstenbelasting staan op de site van de BD.

Enne: "Slechts 2 schijven!"? Nee hoor, vanwege de ondergrens voor de inkomensafhankelijke algemene heffingskorting blijft de onderste schijf eigenlijk gewoon bestaan! En er is een tussenschijf voor >AOW dus het blijven 4 schijven. En dan heb ik het nog niet eens over alle andere grenzen die er zijn zoals de ouderenkorting, arbeidskorting etc etc. Politieke marketing zullen we maar zeggen.

Het devies van de Stamrecht Ingenieur: Vakkundig, snel en goedkoop!

Contact: 06 13 99 44 03 of zie de contact pagina